Het cijfer meet hoeveel er te controleren valt.
7 componenten, elk 0 tot 100, gewogen opgeteld tot één getal. De schaal kan rekenkundig van 11 tot 98 lopen, maar de bovenkant is met de huidige gegevens onbereikbaar: geen enkel fonds in onze collectie publiceert een reeks gerealiseerde jaarrendementen, en vrijwel geen enkel fonds noemt de eigen inleg van de beheerder. In de praktijk lopen de scores vandaag van 29 tot 75. Lees het cijfer als een rangorde binnen deze collectie, niet als een rapportcijfer op een volle honderd.
| Component | Gewicht | Wat het meet, en waarom het zo weegt |
|---|---|---|
| Bron-dekking | 20% | Elk gerealiseerd cijfer van een fonds — een uitgekeerd bedrag, een jaarrendement, een eindresultaat — draagt een eigen stand: opgave van de aanbieder, bron aangeleverd, of door ons nagekeken. Deze component is het aandeel dat de derde stand haalt. Alleen dat telt: een bron die de aanbieder zelf aanlevert is winst, maar het is zijn winst, niet de onze. Dit onderdeel vervalt zodra een fonds géén van die drie soorten kán hebben: geen boekjaar afgerond sinds de eerste closing, en niet afgewikkeld. Wij leiden dat af uit het fondsdocument en niet uit de fondsstatus — die zegt of u er nog in kunt, niet of het fonds al draait, en bij een besloten fonds zijn dat tegengestelde momenten. Het vervalt ook zolang wij de jaarcijfers nog niet bij de aanbieder hebben opgevraagd — bij een lopend fonds komen die uit de jaarrekening en de rapportages aan investeerders, en die vragen wij één keer per jaar op. Vervalt het onderdeel, dan worden de overige gewichten naar 100 genormaliseerd. Is er gevraagd en komt er niets, dan scoort het fonds nul. Het zwaarst, omdat dit het enige signaal is dat niemand anders kan geven. Een aanbieder kan zijn cijfers publiceren en er een bron bij leggen; alleen wij kunnen zeggen dat wij die twee naast elkaar hebben gehouden. Precies daarom kan een aanbieder deze stand ook niet zelf zetten. |
| Rendement-data | 18% | Hoeveel jaar netto rendementen zijn beschikbaar? Vijf jaar of meer geeft de hoogste score, één tot vier jaar minder. Kán een fonds die reeks niet hebben, dan weegt dit onderdeel niet mee en verdelen we dat gewicht over de overige onderdelen — een fonds afrekenen op cijfers die het niet kán hebben, meet niets. Dat geldt in twee gevallen: er is nog geen boekjaar afgerond sinds de eerste closing, of het fonds rekent in IRR of een multiple, en dan is een gemiddeld rendement per jaar de verkeerde grootheid — kapitaal dat in tranches wordt opgevraagd laat zich zo niet weergeven. Bij elk ander fonds is het omgekeerde waar: wie al draait en zijn track record niet publiceert, houdt iets achter, en dat is een nul. Direct daarna, omdat dit het sterkste bewijs is dat een fonds zélf kan leveren. Een reeks gerealiseerde jaarrendementen is het enige dat een belofte in een memorandum achteraf toetsbaar maakt. |
| Data-volledigheid | 15% | Welk deel van de velden die wij per fonds bijhouden gevuld is, gewogen naar hoe zwaar de laag weegt: de kerngegevens tellen driemaal, het profiel tweemaal, de rest eenmaal. Een veld dat deze activaklasse niet kent telt in teller noch noemer mee. Tot 9-9-2026 was dit een trap van vier treden, en dan gaf één ontbrekend veld hetzelfde antwoord als tien — 48 van de 50 fondsen stonden op dezelfde trede. Zwaarder sinds 9-9-2026, en even zwaar als document-dekking. Het meet breedte zonder bewijskracht — of een veld gevuld is, niet of er iets onder ligt — en dat blijft een eerste filter en geen oordeel. Maar het is wél het enige signaal dat over de hele catalogus verschilt zodra je het als aandeel meet in plaats van als trede, en openheid is precies wat dit cijfer hoort te belonen. |
| Document-dekking | 15% | Van elke kernvoorwaarde — beheervergoeding, hurdle, lock-up, eigen inleg van de beheerder, uitkeringsbeleid, juridische vorm, bewaarder, accountant — leggen wij vast wáár hij staat: welk document, welke pagina, en het letterlijke citaat. Deze component is het aandeel dat die dekking haalt. Wat een aanbieder invult zonder dat wij het in een document hebben teruggevonden, telt hier niet mee. Staat een fonds hier op nul, dan hebben wij zijn documenten nog niet uitgelezen — dat is even goed een uitspraak over ons. Zwaar, omdat het onderscheid maakt tussen een kenmerk dat uit een document komt en een kenmerk dat iemand in een formulier heeft getypt. Dat verschil is voor een lezer niet zichtbaar en voor de betrouwbaarheid van de hele pagina bepalend. |
| Fee-niveau | 14% | De jaarlijkse kosten — de hoogste van beheervergoeding en lopende kostenfactor, want de tweede omvat de eerste doorgaans al — vergeleken met de mediaan van dezelfde categorie. Lager dan peers geeft een hogere score. Is er geen peer-context, dan weegt het absolute tarief. Het zwaarste van de fondskenmerken, omdat het als enige kwantitatief én vergelijkbaar is: afgezet tegen de mediaan van dezelfde categorie zegt het iets, en het drukt elk jaar rechtstreeks op het netto rendement. |
| Skin in the game | 13% | Heeft de fondsmanager zelf geld in het fonds zitten? Een GP-commitment van 3% of meer betekent dat de manager bij verlies óók verliest. Onbekend krijgt een neutrale score; expliciet 0% scoort laag. Het sterkste governance-signaal dat er is — een beheerder die meebelegt, verliest mee. Iets lager dan fee-niveau omdat het een opgave is: wij kunnen het percentage zelden tegen een document leggen. |
| Beheerder-status | 5% | AIFMD-vergunning is strenger toezicht dan AIFMD-light registratie. MiFID-beleggingsondernemingen en EU-paspoort-houders krijgen een vergelijkbare score; alle drie zijn gereguleerd, niet gelijk. Laag, ondanks dat het toezichtsniveau er wezenlijk toe doet, omdat er nauwelijks spreiding in zit: vrijwel elk fonds in onze collectie valt onder AIFMD-light of een volledige vergunning. Een signaal dat bijna iedereen hetzelfde geeft, kan geen twee fondsen onderscheiden. |
Per levensfase.
Welke stukken een profiel mogen voeden hangt af van de fase waarin het fonds zit. Bron-dekking telt daarom pas mee zodra er een cijfer is dat wij konden nakijken, of zodra wij de aanbieder om de jaarcijfers hebben gevraagd — tot dan valt het weg, met de reden erbij.
Wat u hier leest komt uit het memorandum, het essentiële-informatiedocument en het AFM-register — de stukken die elke belangstellende krijgt.
Sinds de final closing vragen wij de aanbieder jaarlijks om de jaarrekening en de rapportages: opgevraagd kapitaal, uitkeringen, posities, afschrijvingen.
Het fonds is afgewikkeld. Hier hoort het totaaloverzicht: eindresultaat, alle uitkeringen, multiple en IRR.
Dit fonds loopt. Zijn gerealiseerde cijfers — uitkeringen, opgevraagd kapitaal, afschrijvingen — staan in de jaarrekening en de rapportages aan investeerders, en die moeten wij nog van de aanbieder ontvangen. Wij vragen ze één keer per jaar op; tot die uitvraag is gedaan telt dit signaal niet mee.
Wat het cijfer níet zegt.
Er zit geen enkel oordeel over toekomstig resultaat in. Een hoge score voorspelt niets; hij meet hoe transparant en narekenbaar een fonds vandaag is.
Wij meten wat er te controleren valt. Een uitstekende beheerder die slecht documenteert scoort laag, en dat is precies wat het cijfer bedoelt te zeggen. Marketingsignalen — fondsgrootte, merkbekendheid, PR — tellen niet mee.
De score is mechanisch berekend. Onze observaties over een fonds staan in de fondspagina zelf, niet in dit getal.
Fee-niveau wordt tegen de mediaan van de eigen categorie gemeten. Een private-debtfonds en een venture-fonds op dit cijfer vergelijken heeft weinig zin.
Een hoge score betekent dat veel signalen op groen staan, niet dat het fonds bij uw situatie past.
Geen pay-to-rank, geen sponsoring, geen affiliate-vergoeding bij inschrijving. Er is wél een gratis route naar een hoger cijfer: documenten aanleveren en velden invullen. Dat is een transparantie-prikkel, geen betalingsprikkel.
Viventium Capital Partners Fund 1 C.V. staat vandaag op 75 — de hoogste score in onze collectie. Skin in the game trekt dat cijfer omhoog, rendement-data houdt het tegen. De overige componenten leunen op velden waar dit fonds niets over publiceert; die vallen weg en de rest weegt navenant zwaarder.
Dat verschil is precies wat de index bedoelt te tonen: niet dat dit fonds beter is dan een ander, maar dat u er meer van kunt nakijken.
Wat er is gewijzigd.
Gewichten worden maximaal eens per kwartaal herijkt. Een wijziging staat hier voordat hij ergens anders zichtbaar wordt.
Zes velden erbij in het veldregister waarover Data-volledigheid rekent: de risico-indicator en de aanbevolen periode van bezit uit het essentiële-informatiedocument, bankfinanciering, achterstelling, het aantal posities en de voorwaarden voor overdracht. De eerste twee telden tot nu toe in geen enkele dekkingsmeting mee, terwijl het cijfer wél op elke fondspagina staat; de andere vier voeden het risicoblok en konden door de aanbieder niet worden ingevuld. Geen gewicht is veranderd; de noemer van dit onderdeel is voor elk fonds gegroeid, dus de uitkomst verschuift.
Bron-dekking telt voortaan pas mee zodra wij de aanbieder om de jaarcijfers hebben gevraagd, of zodra er een cijfer is dat wij al hebben nagekeken. Bij een lopend fonds staan de gerealiseerde cijfers in de jaarrekening en de rapportages aan investeerders; die vragen wij één keer per jaar op. Tot die uitvraag is gedaan was een nul geen meting van de aanbieder maar van ons eigen werk — 38 van de 50 fondsen droegen er een. Het onderdeel valt dan weg met de reden erbij: dat wij die stukken nog moeten ontvangen. Is er gevraagd en komt er niets, dan blijft het een nul, en dan ligt het gat bij de aanbieder.
Niets publiceren leverde meer op dan eerlijk publiceren, en dat is hersteld. Een fonds dat zijn beheervergoeding niet noemde scoorde hoger dan een fonds dat een dure vergoeding wél publiceerde; een beheerder die opschreef dat hij niets meelegt, scoorde lager dan een die zweeg. Beide standen liggen nu onder de slechtste gepubliceerde waarde. ELTIF-status is vervallen: het veld heeft in beide schema's de standaardwaarde "geen", alle vijftig gepubliceerde fondsen stonden erop, en die stand scoorde precies evenveel als geen antwoord — het onderdeel kon dus geen twee fondsen onderscheiden. Zijn gewicht is naar Data-volledigheid gegaan, dat voortaan het áándeel gevulde velden meet in plaats van de eerste ontbrekende laag; daarmee verschilt het onderdeel eindelijk per fonds. Zeven onderdelen in plaats van acht.
De twee bewijsvragen — Bron-dekking en Rendement-data — vervielen tot nu toe alleen voor een fonds met de status "in werving". Die status zegt of u nog kunt instappen, niet of een fonds al draait, en bij een besloten fonds zijn dat tegengestelde momenten: zo'n fonds gaat dicht op het moment dat het begint. Daardoor kregen 49 van de 62 fondsen een nul voor cijfers die geen van hen kón hebben. Voortaan leiden wij per soort cijfer uit het fondsdocument af of het al kán bestaan: een jaarrendement pas na een afgerond boekjaar en alleen bij een fonds dat in rendement per jaar rekent, een eindresultaat pas na afwikkeling. Een leeg veld geeft nooit vrijstelling. Een onderdeel dat vervalt blijft zichtbaar, met de reden erbij.
Bron-dekking telde bij elk fonds een lege rij mee en stond daardoor overal op nul zonder iets te meten; dat is hersteld. De vrijstelling geldt voortaan alleen voor een fonds dat nog in werving is — een fonds dat draait en geen cijfers publiceert, scoort nul. Nieuw onderdeel Document-dekking, dat meet welk deel van de kernvoorwaarden bij ons met een citaat en paginaverwijzing uit een document vastligt. Gewichten herverdeeld over acht onderdelen.
De verificatieniveaus brons, zilver en goud zijn vervallen. Een medaille zegt iets over ons; een lezer heeft een uitspraak nodig over het ene cijfer waar hij naar kijkt. In de plaats kwam Bron-dekking, die per gerealiseerd cijfer bijhoudt of het een opgave is, een aangeleverde bron heeft, of door ons is nagekeken.
Data-volledigheid wordt afgeleid uit de velden die er werkelijk staan, in plaats van uit een standaardwaarde — een fonds dat het veld wegliet scoorde daarvoor hoger dan een fonds dat eerlijk "op aanvraag" invulde. Rendement-data vervalt sindsdien voor een fonds dat die historie niet kán hebben.
Let op! Buiten AFM-toezicht op de aanbieding. Alle 50 fondsen op deze site zijn vrijgesteld van prospectus- en vergunningplicht. Belangrijke informatie Toezicht · rendement · risico · fiscale behandeling · hoe wij worden betaald Alle acht punten Inklappen
- Geen beleggingsadvies
- Fondskompas biedt feitelijke oriëntatie, geen beleggingsadvies. De getoonde gegevens zijn ontleend aan het fondsdocument van de aanbieder — een prospectus of, bij een vrijgesteld fonds, een informatiememorandum — en aan openbare bronnen.
- Vrijstelling, geen inhoudelijk toezicht
- Alle 50 fondsen op deze site worden aangeboden onder de wettelijke vrijstelling van prospectus- en vergunningplicht; de AFM houdt daar geen inhoudelijk toezicht op onder de Wft. Welke minimale inleg per fonds geldt, staat op de fondspagina.
- Rendement is een streefcijfer
- Getoonde rendementen zijn streefcijfers of contractuele coupons — nooit een toezegging. Het werkelijke rendement kan negatief zijn; u kunt uw inleg geheel of gedeeltelijk verliezen.
- Uw inleg staat vast
- Deelnemingen zijn doorgaans illiquide: tussentijdse uittreding is meestal niet of beperkt mogelijk.
- Fiscaal: privé of via een vennootschap
- Neemt u in privé deel, dan valt uw belang in box 3 en wordt het forfaitair belast. Houdt u de deelneming via een holding-BV, dan gelden de vennootschapsbelasting en mogelijk box 2 — en de uitkomst kan aanzienlijk verschillen. Vergelijk beide in de rekentool.
- SFDR zegt niets over toezicht
- SFDR-classificaties (artikel 6, 8 of 9) verwijzen naar duurzaamheidskenmerken van het fonds, niet naar een AFM-goedkeuring.
- Hoe wij worden betaald
- Een gesprek met een aanbieder is kosteloos — voor u en voor de aanbieder. Wij verdienen aan aanbieders die een betaald partnerprofiel afnemen: een vast jaarbedrag voor een rijker profiel en een gelabelde vermelding. Dat koopt geen plek in een lijst, geen cijfer en geen oordeel, en u betaalt ons nooit iets.
- Voordat u beslist
- Vergelijk altijd het volledige fondsdocument — het prospectus of het informatiememorandum — en, indien beschikbaar, het Essentiële-Informatiedocument (Eid). Een vrijgesteld fonds kent die laatste twee doorgaans niet.
Volledige disclaimer Over de €100k-vrijstelling Begrippenlijst