Volatiliteit, max drawdown en hersteltijd

Thomas van der Bruggen 17 mei 2026 nagelopen 4 september 2026 3 min lezen

In essentiële-informatiedocumenten en fondsbrochures duikt steeds vaker een rij cijfers op: “volatiliteitVolatiliteitDe spreiding van rendementen rond hun gemiddelde, meestal als standaarddeviatie per jaar. Bij illiquide fondsen sterk misleidend: de waarde wordt niet dagelijks verhandeld maar periodiek getaxeerd, en dat maakt de reeks glad zonder dat het risico kleiner is. 8,2%”, “maximum drawdownMax drawdownDe grootste daling van top tot dal die een belegging heeft doorgemaakt, in procenten. Zegt meer over de pijngrens dan een gemiddeld rendement: een fonds met 8% gemiddeld en een drawdown van 45% is iets anders dan hetzelfde gemiddelde met een drawdown van 12%. −14,7%”, “hersteltijdHersteltijdHoe lang het duurde voordat een belegging na haar diepste punt weer op de oude waarde stond. De maat die het verschil laat zien tussen een scherpe dip en een structureel probleem — en bij een fonds met een vaste looptijd de vraag of het herstel überhaupt binnen die looptijd past. 18 maanden”. Drie maatstaven die hetzelfde fenomeen — risico — vanuit verschillende hoeken benaderen. Wat zegt elk getal precies, en wanneer is welk getal relevant?

Volatiliteit: hoe wisselend is het rendement

Volatiliteit is de standaarddeviatie van het rendement — een statistische maat voor de spreiding rond het gemiddelde. Een fonds met een gemiddeld jaarrendement van 7% en een volatiliteit van 5% bracht in een goed jaar ongeveer 12% op en in een slecht jaar 2%. Met een volatiliteit van 15% kunt u bij hetzelfde gemiddelde tussen −8% en +22% schommelen.

CategorieTypische jaarvolatiliteit
Private debt, hypothecaire kredieten2 – 4%
Verhuurd vastgoed met stabiele huur4 – 8%
Beursgenoteerde alternatieven (REITs)12 – 20%
Private equity, gerealiseerd10 – 18%
Venture capital20 – 35%

Volatiliteit zegt iets over de dagelijkse rust van uw belegging — niet over uw uiteindelijke uitkomst. Een fonds kan een lage volatiliteit hebben en alsnog zwaar verliezen op één exitExitDe verkoop van een portefeuillebedrijf of pand, en daarmee het moment waarop papieren waarde echte kasstroom wordt. Bij private equity meestal een verkoop aan een andere partij of een beursgang; het is de gebeurtenis die de distributies op gang brengt en waar de carried interest op wordt afgerekend.; het cijfer ziet u dan pas later.

Max drawdown: hoe diep ging het ooit fout

Maximum drawdown is de grootste piek-tot-dal-val in de NAVNAVNet Asset Value: de gewogen waarde van alle deelnemingen van het fonds, minus eventuele schulden van het fonds. Wordt door de beheerder periodiek geschat — typisch elk kwartaal of halfjaar. Bij illiquide fondsen blijft NAV vaak op kostprijs staan tot een exit nadert.-curve van een fonds, uitgedrukt als percentage. Een fonds dat van NAV 110 naar 88 zakte, heeft een max drawdown van 20% — ongeacht of er daarna herstel was.

Drawdown is in onze ogen de eerlijkste enkele maatstaf voor private-markt-fondsen. Het beantwoordt de vraag “hoe groot was de slechtste periode die deze beheerder ooit door is gegaan?”. Voor closed-endClosed-endFonds met vaste looptijd en gesloten kapitaalstructuur. Uittreden tussentijds doorgaans alleen via een secundaire markt. fondsen zonder periodieke NAVs is dit moeilijker te berekenen — daar moet u terugvallen op het track record per fonds.

Hersteltijd: hoe lang duurde het herstel

Bij elke drawdown hoort een hersteltijd — het aantal maanden of jaren tussen het dal en het moment waarop de NAV weer boven het oude piek-niveau uitkomt. Een 14% drawdown met 18 maanden hersteltijd is iets anders dan 14% drawdown die zes jaar nodig had om te herstellen.

Voor doorlopende fondsen (open-endOpen-endFonds neemt doorlopend nieuw kapitaal aan en kent geen vaste einddatum. Uittreden meestal mogelijk op vaste momenten, vaak met opzegtermijn. vastgoed, infra) is dit een betekenisvolle maat. Voor closed-end fondsen geldt: er is geen herstel, er is alleen het uiteindelijke exit-resultaat per vintageVintageHet jaar waarin een fonds zijn eerste capital call doet. Vintages bepalen de markt-context van een fonds en zijn de standaard-as voor peer-vergelijking: een 2020-vintage PE-buyout-fonds vergelijk je niet met een 2008-vintage van dezelfde manager..

Wat deze drie cijfers niet meten

  • Liquidity-risk. Een fonds met lage volatiliteit dat in een crisis niet uitkeert omdat de redemption-gate gesloten is, scoort goed op volatiliteit — maar u krijgt geen toegang tot uw geld. Alle drie de maatstaven veronderstellen dat u kunt uitstappen.
  • Manager-risico. Een succesvol track recordTrack recordDe gerealiseerde resultaten van eerdere fondsen van dezelfde beheerder. Alleen bruikbaar als u weet wat er is meegeteld: afgewikkelde fondsen of ook lopende, wel of niet gecorrigeerd voor de fondsen die het slecht deden, en behaald bij deze organisatie of bij een vorige werkgever. Een track record zonder die drie antwoorden is een opgave, geen bewijs. kan toebehoren aan een persoon die volgend jaar vertrekt. Geen van deze drie metrieken vangt dat op.
  • Concentratie. Een fonds met 4 portefeuille-bedrijven kan hetzelfde rendementscijfer hebben als een fonds met 30, maar fundamenteel ander single-name-risico dragen.
  • Aannames in de NAV. Een vastgoedfonds met optimistische taxatie-aannames toont een gladde NAV-curve; de werkelijkheid komt bij exit pas op tafel.

Risico-indicatoren op Fondskompas

Deze drie cijfers rekenen wij vandaag niet zelf uit, en ze staan dus op geen enkele fondspagina. Voor vrijwel elk fonds op deze site ontbreekt de reeks periodieke netto-vermogenswaarden die daarvoor nodig is; bij een closed-end fonds bestaat die reeks meestal helemaal niet. Pretenderen helpt niemand — het zijn drie goede vragen voor het gesprek met de beheerder.

Lees ook hoe wij onze redactionele risicoklasse 1–7 toekennen, die naast deze drie cijfers ook illiquiditeit, exit-risico en concentratie meeweegt.

Vuistregels

  • Volatiliteit vergelijken: alleen zinvol binnen dezelfde categorie. 5% op een vastgoedfonds is conservatief, 5% op een PE-fonds is verdacht laag.
  • Max drawdown is de eerlijkste single number — vraag er actief naar.
  • Hersteltijd is relevanter voor open-end fondsen dan voor closed-end.
  • Geen van deze drie vervangt het lezen van het memorandum.
Goed om te weten

Dit artikel is bedoeld als algemene uitleg en niet als persoonlijk beleggingsadvies. Beleggen in alternatieve fondsen kent een aanzienlijk risico op verlies van inleg. Lees vóór een eventuele inschrijving altijd het prospectus of informatiememorandum van de aanbieder.

Thomas van der Bruggen
Oprichter & hoofdredacteur

Richtte eerder een onderneming op en verkocht die; de opbrengst bracht hem voor het eerst in aanraking met beleggen. Schrijft sindsdien over Nederlandse alternatieve fondsen — van private equity tot private debt, vastgoed en infrastructuur. Een gesprek met een aanbieder is kosteloos — voor u en voor de aanbieder. Wij verdienen aan aanbieders die een betaald partnerprofiel afnemen: een vast jaarbedrag voor een rijker profiel en een gelabelde vermelding. Dat koopt geen plek in een lijst, geen cijfer en geen oordeel, en u betaalt ons nooit iets.

Let op! Buiten AFM-toezicht op de aanbieding. Alle 50 fondsen op deze site zijn vrijgesteld van prospectus- en vergunningplicht. Belangrijke informatie Toezicht · rendement · risico · fiscale behandeling · hoe wij worden betaald Alle acht punten Inklappen
Geen beleggingsadvies
Fondskompas biedt feitelijke oriëntatie, geen beleggingsadvies. De getoonde gegevens zijn ontleend aan het fondsdocument van de aanbieder — een prospectus of, bij een vrijgesteld fonds, een informatiememorandum — en aan openbare bronnen.
Vrijstelling, geen inhoudelijk toezicht
Alle 50 fondsen op deze site worden aangeboden onder de wettelijke vrijstelling van prospectus- en vergunningplicht; de AFM houdt daar geen inhoudelijk toezicht op onder de Wft. Welke minimale inleg per fonds geldt, staat op de fondspagina.
Rendement is een streefcijfer
Getoonde rendementen zijn streefcijfers of contractuele coupons — nooit een toezegging. Het werkelijke rendement kan negatief zijn; u kunt uw inleg geheel of gedeeltelijk verliezen.
Uw inleg staat vast
Deelnemingen zijn doorgaans illiquide: tussentijdse uittreding is meestal niet of beperkt mogelijk.
Fiscaal: privé of via een vennootschap
Neemt u in privé deel, dan valt uw belang in box 3 en wordt het forfaitair belast. Houdt u de deelneming via een holding-BV, dan gelden de vennootschapsbelasting en mogelijk box 2 — en de uitkomst kan aanzienlijk verschillen. Vergelijk beide in de rekentool.
SFDR zegt niets over toezicht
SFDR-classificaties (artikel 6, 8 of 9) verwijzen naar duurzaamheidskenmerken van het fonds, niet naar een AFM-goedkeuring.
Hoe wij worden betaald
Een gesprek met een aanbieder is kosteloos — voor u en voor de aanbieder. Wij verdienen aan aanbieders die een betaald partnerprofiel afnemen: een vast jaarbedrag voor een rijker profiel en een gelabelde vermelding. Dat koopt geen plek in een lijst, geen cijfer en geen oordeel, en u betaalt ons nooit iets.
Voordat u beslist
Vergelijk altijd het volledige fondsdocument — het prospectus of het informatiememorandum — en, indien beschikbaar, het Essentiële-Informatiedocument (Eid). Een vrijgesteld fonds kent die laatste twee doorgaans niet.

Volledige disclaimer Over de €100k-vrijstelling Begrippenlijst

De nieuwsbrief van Fondskompas

Eén keer per maand: wat er veranderde in de Nederlandse fondsenmarkt.

Wat er nieuw is De fondsen die die maand op Fondskompas verschenen, met aanbieder en categorie. Zijn het er meer dan zes, dan noemt de mail het totaal.
Wat wij uitzochten Onze uitleg over begrippen, structuren, risico en toezicht. Geschreven om een memorandum te kunnen lezen, niet om iets te verkopen.
Wat betaald is Een aanbieder kan een vermelding kopen. Die staat onder een eigen kop, "Van onze partners" — nooit tussen de redactionele keuze.

Eén keer per maand, nooit vaker. Uitschrijven met één klik, en je adres gebruiken we alleen hiervoor — privacyverklaring.